Woordenlijst pensioen U - Z
Uitruil
De mogelijkheid voor jou als deelnemer om het nabestaandenpensioen om te zetten in een hoger (of eerder ingaand) ouderdomspensioen of een deel van het ouderdomspensioen om te zetten in nabestaandenpensioen.
Waardeoverdracht
Je kunt je 'oude' pensioen meenemen naar je nieuwe pensioenuitvoerder. Dat heet 'waardeoverdracht'. Je nieuwe pensioenuitvoerder vertaalt het door jou meegenomen pensioen in een aantal opbouwjaren volgens de nieuwe pensioenregeling.
Wezenpensioen
Het wezenpensioen wordt uitgekeerd aan je kind(eren) na je overlijden. Het gaat vaak om een halfwezenpensioen (er is nog één ouder in leven). Vaak stopt het wezenpensioen in principe op
18- of 21-jarige leeftijd, maar loopt de uitkering langer door (tot bijvoorbeeld het 27e jaar) als je kind studeert of arbeidsongeschikt is. Als beide ouders (verzorgers) zijn overleden, krijgen de dan volle wezen meestal een dubbel wezenpensioen.